23 november 2017

Huurprijsbescherming tóch doorbroken

author

Marcel (M.P.H.) van Wezel

feature-img

Wie goedkope woonruimte huurt, heeft doorgaans ijzersterke rechten. Zo kan de verhuurder de huurprijs niet substantieel verhogen. Ook kan de huur niet zomaar worden beëindigd. Hiervoor moet de verhuurder een voldoende zwaarwegende reden hebben. Huurders worden dus goed beschermd. Maar: soms helpt de rechter de verhuurder een handje.

Onenigheid om lage huur

Henk, Hans en Evert zijn drie broers uit een Twents boerengezin. Hans en Evert huren een woonboerderij van hun oudere broer Henk, voor het luttele bedrag van € 136,- per maand. Deze lage huurprijs staat niet in verhouding tot de waarde van de woning, en ook niet tot de kosten die Henk moet maken in verband met WOZ-belasting, opstalverzekering en onderhoudskosten.

De huurovereenkomst is jaren geleden opgesteld door de vader: hij wilde dat de broers in de boerderij konden blijven wonen. Henk nam het boerenbedrijf van hem over, en na het overlijden van allebei de ouders krijgen de broers onenigheid. Henk wil van de huurovereenkomst af, vooral omdat de huurprijs veel te laag is.

Mag Henk de huurovereenkomst beëindigen?

Een verhuurder kan een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd alleen maar opzeggen op grond van in de wet vastgelegde redenen. Een te lage huurprijs is géén geldige reden. Wel kan de overeenkomst soms worden ontbonden als de huurder niet aan de verplichtingen uit de overeenkomst voldoet. De rechter maakt in dat geval een afweging tussen het belang van de verhuurder om de huur te beëindigen, en het belang van de huurder om het gehuurde te behouden.

In de zaak van Henk en zijn broers kwam het Gerechtshof in Arnhem met een creatieve oplossing.

Een redelijke huurprijs

Het Gerechtshof oordeelde dat Henk niet het recht heeft om de huurovereenkomst op te zeggen. Wel constateert het hof dat de huurprijs erg laag is. Henk moet maandelijks geld bijleggen voor de vaste lasten en het onderhoud van de woning. Het gerechtshof stelde vast dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat de jongere broers Henk houden aan de lage huur. Ook de familieverhoudingen zijn daarvoor geen rechtvaardiging. Het Gerechtshof stelt voor om de huurprijs daarom aan te passen naar een redelijk bedrag van € 600,- per maand.

Het Gerechtshof stelde beide partijen in de gelegenheid om op deze geschatte huurprijs te reageren. Het ligt voor de hand dat de drie broers het onderling gaan oplossen. Lukt dat niet, dan wordt alsnog een uitspraak gedaan.

author

Marcel (M.P.H.) van Wezel

Marcel is een specialist op het gebied van huurrecht (woonruimte en bedrijfsruimte), vastgoedrecht en het verbintenissenrecht. Marcel is lid van de Vereniging van Huurrecht Advocaten (VHA) en treedt voornamelijk op voor professionele verhuurders, zoals woningcorporaties, particuliere verhuurders en gemeenten. ...
Delen

overig nieuws_